Wie of wat is de Knillispoort?

Knillispoort biedt na de Corona lockdown ruimte aan uiteenlopende kleinschalige evenementen. Uitgangspunten hierbij zijn: drempelloosheid, veelkleurigheid, engagement, debat, cultuur en ontmoeting. Knillispoort is een vrijwilligersinitiatief en organiseert zelf activiteiten maar biedt ook ruimte aan derden om de accommodatie in te zetten voor zelf-georganiseerde evenementen.

Door de jaren heen ontstonden in en rond de Knillispoort tal van initiatieven zoals: Geen cement in de Gement, Sint-Jansdag, Popronde, kunsttentoonstellingen en de cursus Boschlogie. Ter gelegenheid van 800 jaar ’s-Hertogenbosch werd in 1985 het door Antoine Jacobs geschreven toneelstuk De winterrepubliek in de buitenlucht opgevoerd.

In 2015 ging Achter de Poort van start, de culturele salon van de Knillispoort. Spraakmakende boekbesprekingen, bijzondere optredens en schurende debatten die iets in beweging brengen wisselen elkaaraf.

Knillispoort, ook voor u

Bekijk op deze website of er ook mogelijkheden zij voor u of uw organisatie.

Let wel, Buiten carnaval is de Knillispoort geen feestzaal. Een hapje en drankje is uiteraard wel mogelijk, maar de nadruk ligt op (culturele) evenementen, vergaderingen en bijeenkomsten.

Voor vragen kunt u altijd bellen (073-6 14 43 82) of mailen


 

Bossche Zomer ook
bij Knillispoort

In het kader van de Bossche Zomer zijn er in de maanden juli en augustus op diverse plekken in de stad culturele evenementen. Zo ook bij de Knillispoort. Op het Herman Moerkerkplein pal achter de Knillispoort, is een mini buitentheater. Zeer geschikt voor kleinschalige optredens en voordrachten. Wij hebben een leuk programma waarin u in juli en augustus ieder weekend op vrijdag- of zaterdagavond kunt genieten van lokale talenten.

In verband met de Coronamaatregelen is er slechts plaats voor zo’n vijftg personen.

U kunt het programma HIER bekijken.

NIEUWS

Jac. Biemans over August von Bonstetten

August von Bonstetten (1796-1878), een Zwitsers soldaat in ’s-Hertogenbosch

‘Als ik teken verveel ik mij niet’ 

‘Buitenlandse’ namen voor echte Bosschenaren vormen nog altijd de levende getuigen van zijn opmerkzame geest. Wat te zeggen van achternamen als Salfischberger, Döll, Zaunbrecher, Stolzenbach en Burgerhof? Gewoon nakomelingen van Zwitserse, Oostenrijkse of Duitse soldaten.

August von Bonstetten was ook een Zwitsers soldaat.

Von Bonstetten dient veertien jaar in het Nederlandse leger en zou vrijwel zeker anoniem zijn gebleven, wanneer hij niet als tekenaar actief zou zijn geweest. Omdat hij van 1815-1820 in ‘s-Hertogenbosch gelegerd is heeft hij ook hier enige tientallen tekeningen en schetsen gemaakt.

August is zeventien jaar oud als hij in 1813 in militaire dienst gaat. In de herfst van 1815 krijgt hij het bevel om zich ‘schleunigst auf Bern zu begeben’ om van daar naar Holland te reizen. De Europese landen mobiliseren hun troepen omdat Napoleon van het eiland Elba was ontsnapt. Hij was in Parijs weer aan de machts. “Da fing der Krieg von neuem an” noteerde August von Bonstetten in zijn dagboek.

Het soldatenleven kan Von Bonstetten niet bekoren. Alleen het tekenen en schilderen kon de verveling verdrijven. In zijn dagboek noteerde hij: “Jeden Morgen Inspektion und Theorie; ich kann die Langeweile nur in meiner Arbeit überwinden.”. Naast zijn militaire verplichtingen besteedt hij dan ook vrijwel elk vrij moment aan het maken of uitwerken van schetsen van personen, interieurs en stadsgezichten. ‘Als ik teken, verveel ik mij niet!’, schrijft hij in zijn dagboek.

Jac. Biemans
Historicus Jac. Biemans ontdekt in Zwitserland de onbekende tekeningen van de hand van August von Bonstetten. De soldaat houdt ook dagboeken bij over zijn leven in ’s-Hertogenbosch. In zijn lezing gaat Jac. Biemans in op de spannende ontdekkingstocht, de militair en kunstenaar Von Bonstetten en de inhoud van de 200 jaar oude dagboeken en tekeningen

August von Bonstetten

Jac. Biemans is historicus, archivaris en communicatiespecialist, werkzaam bij Erfgoed ’s-Hertogenbosch. Hij publiceert over lokale en regionale geschiedenis en was beeldredacteur van diverse boeken over ’s-Hertogenbosch en omgeving. In 2016 verscheen zijn boek ‘August von Bonstetten. Een Zwitsers militair schetst ’s-Hertogenbosch 1815-1824’ bij uitgeverij Vantilt.

Biemans komt op zaterdag 15 augustus in het kader van Rondom Dieske van 20:30 uur tot 22:30 uur vertellen over August von Bonstetten.

Voor meer informatie: fransvangaal@home.nl;  06-45482739; Marian Free, mar.free@ziggo.nl: 06-51071551

 

Oorlog maakt ziek

Einde Eerste Wereldoorlog geen einde ellende, ook voor ‘s-Hertogenbosch

Tom Sas, historicus en kenner van de Eerste Wereldoorlog, windt er geen doekjes om, de ‘Groote oorlog’ zaaide door de oorlogshandelingen al dood en verderf, het werd nog erger, vooral toen het vrede was. 

11 november 1918: De ‘Groote oorlog’ is afgelopen. Gejuich is er niet in ‘s-Hertogenbosch. Veel Bosschenaren zijn ook al ziek, menigeen zelfs doodziek. De ‘Spaanse griep’ heerst  en is  25X dodelijker dan andere griepvormen. De doodsangst stemt in veel dorpen en steden tot neerslachtigheid, zeker als ook in gegoede kringen, levend in goede behuizing en wel doorvoed, slachtoffers vallen. In ’s-Hertogenbosch vallen honderden doden, in de wereld tussen de 20 en 50  miljoen. 

Zelfs het begrip Spaanse griep hangt samen met de oorlog. De VS, Groot-Brittannië en Frankrijk hebben eerder dan Spanje te kampen met de epidemie, maar die landen houden de informatie daarover aanvankelijk uit de pers om het moreel niet aan te tasten. Spanje blijft neutraal tijdens de oorlog en censureert zijn pers niet.

Tom legde grote nadruk op de oorlog als transporteur van de Spaanse griep. In het vroege voorjaar van 1917 kondigde de Duitse regering een onbeperkte duikbootoorlog af. Elk schip met bestemming Groot-Brittannië zou door de Duitsers getorpedeerd worden, vijandig of niet, daaronder ook Amerikaanse duikboten.

In december 1917 sloten Rusland en Duitsland de vrede van Brest-Litovsk. Duitsland kon zich nu helemaal richten op het westelijk front maar had nu ook af te rekenen met Amerikaanse troepen. Het spreekt voor zich dat hierdoor heel veel mensen in beweging kwamen. Duizenden soldaten, dichtbij elkaar, opeengepakt, kwamen en gingen.   

Mogelijk begon de Spaanse griep in het voorjaar van 1918 in de Verenigde Staten. Op 4 maart meldde een kok in Camp Funston in Kansas zich ziek. Hij had een zere keel, hoofdpijn en koorts. In de loop van de dag klaagden steeds meer mannen over dezelfde symptomen.

Veel van hen waren afkomstig van het Amerikaanse platteland.  Via deze militairen bereikte de ziekte het westelijke front in Frankrijk – en reisde verder. Het virus volgde niet alleen de soldaten, maar ook een groep krijgsgevangenen die door Duitsland aan Rusland werd teruggegeven.

Op 30 mei 1918 introduceert de Telegraaf ‘de Spaansche griep’ bij de Nederlandse lezers.

In het najaar slaat de ziekte bij een tweede golf heel hard en dodelijk toe. Deze griep is 25X dodelijker dan andere vormen. Het aantal doden is groot. 

Als er ‘na eene kortstondige ziekte’ in de overlijdensadvertentie staat, dan kun je er in die dagen vanuit gaan dat de Spaanse griep heeft toegeslagen. De leeftijd ligt maar al te vaak tussen de twintig en dertig jaar, alhoewel ouderen ook grote risico’s lopen. 

De dodelijke en tweede epidemiegolf werd in gang gezet na de wapenstilstand op 11 november 1918. Overal op de wereld vierden mensen het einde van de Eerste Wereldoorlog. Deze vieringen gingen gepaard met bijeenkomsten, omhelzingen en kussen van terugkomende soldaten.

Wat doet de overheid? ‘Wat heeft het voor zin te vechten een ziekte die zich niet bevechten laat’, schrijft de minister in antwoord op kamervragen.

Het Bossche stadsbestuur organiseert op 16 november 1918 een ‘spoedeischende vergadering’, niet vanwege de Spaanse griep maar om een burgerwacht op te richten om ‘revolutionaire woelingen’ van opstandige socialisten en militairen  het hoofd te bieden. 

Johan Rückert

Voorafgaande aan de vergadering wordt echter eerst alle ruimte geladen aan een herdenking van de directeur Gemeentewerken Ir. Johan Rückert (1879-1918). Hij is nog geen jaar in dienst en was voorbestemd om de uitbreiding van de stad in de richting van het noorden, de Muntel vorm te geven. Het mocht niet gebeuren. Rückert sterft na een kortstondig ziekbed aan de gevolgen van de Spaanse griep. Hij zal niet de enige Bosschenaar zijn.

Dansen op muziek van Beethoven

Muziekdocent Cees Hollenberg en zijn passie over Ludwig van Beethoven

Als muziekdocent heeft de 78-jarige Cees Hollenberg veel ervaring in het hoger onderwijs. Je merkt het aan zijn boeiende en met veel expressie ondersteunde manier van presenteren. Op vrijdag 18 juli verzorgde Cees Hollenberg een presentatie over Ludwig von Beethoven. De componist is immers 250 jaar geleden geboren. Cees vertelde zijn gehoor heel bijzondere dingen over Beethoven. Ja, hij was vaak ongelukkig in de liefde. Dat hoor je aan zijn muziek.

Vanaf zijn eenentwintigste woont de in Bonn geboren Ludwig van Beethoven (1770-1827) in Wenen. De componist Joseph Haydn (1732 – 1809) geeft hem les en laat zijn leerling weten dat hij niet alleen veel talent heeft, maar ook een schier onuitputtelijke fantasie. Verder deelt hij Van Beethoven mee dat diens werken te veel sombere plekken bevatten en dat Van Beethoven als mens de wereld ook eens wat vrolijker zou moeten bekijken. Prompt verlaat Van Beethoven zijn leermeester en verkondigt aan een ieder die het horen wil dat Haydn zeer ouderwets is en hem niets kan leren.

Maar Van Beethoven kon wel vrolijk, euforisch en opgetogen zijn. Hij ging mee met de idealen van de Franse revolutie. Aanvankelijk is hij een bewonderaar van Napoleon. Maar als deze zichzelf tot keizer laat kronen is het gedaan met Beethovens bewondering voor Napoleon. Van Beethoven wilde zijn derde symfonie aanvankelijk ‘Bonapartesymfonie’ noemen. Het werd dus Eroïca. Van Beethoven schrapte de naam van Napoleon zo heftig van het titelblad dat daarin een gat achterbleef.

Illustratie: foto van Cees Hollenberg.   

Er was zo’n moment dat Cees Hollenberg, hij had al net zo veel lol in zijn presentatie als het publiek,  een menuet voordanste op de muziek van Van Beethoven, Septet – Menuet and Trio uit 1799.

Eens te meer toonde Cees hiermee aan dat Van Beethoven met zijn ene been in de sierlijke rococotijd stond, met het andere been sluit hij aan bij de Romantiek.

Inspiratie vindt de romantische componist menigmaal in de middeleeuwse volkskunst, voorts in buitenmuzikale gegevens zoals een verhaal, een gedicht, de natuur, de nationale geschiedenis enz. zo eindigt Cees Hollenberg zijn presentatie met delen uit de Pastorale, de zesde symfonie van Beethoven. ‘Vaak is een componist ook een schilder’, zegt Cees.

Gé van Berkel, een dichterlijk columnist

Optreden dichter bij Knillispoort afgewisseld met muziek en zang van Henny Kappen

De man van ‘één vierkante meter podium’.

Gé van Berkel, balanceren op één vierkante meter (Foto: Gerard Monté)

 

In het werkzame leven was hij toneelmeester van het Theater aan de Parade. Toen zei hij over zijn werk: ‘Als het op werk gaat lijken, dan stop ik ermee.’ Zo is Gé een geboren ‘hobbyist’.

Gé van Berkel schrijft gedichten en draagt ze zelf voor. Misschien moet dat ook wel of kan het niet anders. Er zit iets van een kijk op… iets in het leven. In elk gedicht weer opnieuw. In zoverre lijkt elk gedicht van Gé op een ‘column’ in de vorm van een mooi gedicht.

Frans van Gaal verzorgt de presentatie (Foto: Gé van Berkel)

Op vrijdag 10 juli trad Gé op tijdens de Bossche Zomer op het Herman Moerkerkplein.  Over zijn optredens zegt Gé: ‘Ik heb maar één vierkante meter podium nodig.’ En dat klopt helemaal. Voor het overige zijn het zijn stem, de bijzondere declamatietoon en de door hemzelf geschreven gedichten die de toehoorder muisstil houden.

Je noemt een onderwerp en Gé gaat ermee aan de slag. Met gedichten over aspergeteelt, maar ook over zelfmoord. ‘Elk onderwerp is bespreekbaar voor mij.’ Markante quote van Gé: Als ik iets lelijk vind, dan hoeft het niet per se op de schop. Want lelijkheid accentueert schoonheid.’

Op 10 juli 2020 presenteerde Gé op het Herman Moerkerkplein een ‘keuze uit zijn werk’.

Uit Jeroen, over Jeroen Bosch, geschreven in 2008

De ziel die hem gefascineerd gevangen hield.
Binnen een met prikkeldraad omheinde wereld.
Waar ijdelheid, domme wreedheid, hebzucht en aartsgekonkel.
Hem deed grijpen naar zijn beste wapen.
Streek zo, doordrenkt met een rijk pallet aan symbolen,
Ongenaakte bizarre figuren op panelen.
Schilderde werelden waarvan niemand geloofde.

Ter gelegenheid van de opening van het Hospice Parunashia

Sint-Michielsgestel op 30-juni-2019

Maar afscheid begeleiden! Zijn er slechts een paar.
Die dat doen, petje af,  die staan nu hier.
In het Hospice!
In de huiskamer naar het onbekende.
De plaats waar welkom juist een afscheid is.

Ter gelegenheid van de kermis in Sint-Michelsgestel in 2017

De Liefde, is mysterieuzer dan welk spookhuis ooit.
Heftiger als een achtbaan, giert aanhoudend, kriebels je verliefde lijf zo door.
Doch, als draaimolen gekozen, jaag je op hobbelpaarden de geliefde na.
En stralend zacht smelt je even van die blik.
En die blik smelt stralend zacht met jou blikken mee.

Het optreden van Gé werd afgewisseld met zang door Henny Kappen. Ze is dirigent en mede-oprichter van het popkoor 3×3. Een merkwaardige naam voor een popkoor. Maar eigenlijk ligt hij ook weer voor de hand. Henny zegt hierover: ‘U ken toch het liedje 3×3 is 9, ieder zingt zijn eigen lied. Nou daar komt het van.’ Henny zong tussen de gedichten van Gé door ook haar eigen liedjes. Dat ging van Elvis Presley en Joan Baez tot Dolly Parton. Als een ware dirigent zorgde Henny ervoor dat je als ‘toehoorder’ soms meezong, maar vaak ook gewoon vol bewondering luisterde.

Henny Kappen (Foto: Gerard Monté)

 

Harry van den Berselaar bijt spits af Rondom Dieske

Harry van den Berselaar: ‘Hoe Bosch is Bolduque?’

Hof van Zevenbergen

In onze zomerse serie Rondom Dieske beet Harry van de Berselaar vrijdag 3 juli het spits af met een interessant verhaal over de Spaanse invloeden in ‘s-Hertogenbosch van vóór de Tachtigjarige Oorlog tot 1629 toen de Staatsen de Moersadraak veroverden. Alle Spaanse en katholieke invloeden verdwenen daarna uit de stad.

Harry van den Berselaar doet al enige jaren onderzoek naar de banden tussen ’s-Hertogenbosch en Spanje. Hij zegt hierover: ‘Onze stad was meer dan een eeuw ‘persoonlijk eigendom’ van de Spaanse koning. Hoe Spaans ging het er hier aan toe? En wat is daar nu nog van te merken? Ik neem u in mijn verhaal ‘virtueel’ mee door het voormalige ‘Bolduque’. En eindig met een gerucht over de flamenco.’

Harry vertelt verder: ‘Onze stad was meer dan een eeuw ‘persoonlijk eigendom’ van de Spaanse koning. Niet door veroveringszucht of onderdrukking, maar door koninklijke huwelijken en erfopvolging.  Zo werd ’s-Hertogenbosch deel van het Spaanse Rijk.

Hoe Spaans ging het er hier aan toe? En wat is daar nu nog van te merken? Harry nam zijn publiek mee in een ‘virtueel’ verhaal door het voormalige ‘Bolduque’.

Vooropgesteld, na 1629 als ’s-Hertogenbosch door de ‘Staatsen’ of ‘Hollanders van Frederik Hendrik wordt bezet, verdwijnen veel Spaanse herinneringen. In zijn op deze website te lezen column Nieuwstraat vertelt Harry: Ze geven in korte tijd de stad een ‘nieuw’ aanzien. Zo verdwijnt het Predikherenklooster met grote ijver onder de slopershamer. Twee nieuwe doorsteken verrijken de stad: de Nieuwstraat en de Tweede Nieuwstraat, die later St.-Jozefstraat gaat heten. Een geplande haven komt er niet.’

Hoe dan ook, ’s-Hertogenbosch werd mede door de Spanjaarden gemaakt. En Bosschenaren… vooral vaklieden als messenmakers konden het ver brengen in het Spaanse Rijk.  De Munt in de Postelstraat, het Groot Tuighuis, vroeger oude Sint-Jacobskerk en niet te vergeten de Hof van Zevenbergen, eens tijdelijke woonstede van Karel V, herinneren aan ‘Spaanse tijden.’

Harry eindigde met een spectaculaire uitsmijter: in het woord flamenco, wat staat voor die beroemde Spaanse dans, zit wel degelijk de ‘Vlaming’ verscholen. Vlamingen – waaronder Bosschenaren – die met Karel V meekwamen naar het Spaanse hof zouden, aldus één verklaring, zich verveeld hebben tussen al die ernstige Spanjaarden en aan het feesten geslagen zijn met de zigeuners op straat. Zo zit er dan toch iets Bosch in de flamengo.

Lees HIER de column van Harry van den Berselaar

Welkom bij de Bossche Zomer Rondom Dieske!

Knillispoort organiseert Rondom Dieske

Rondom Dieske is een kleinschalig cultureel en cultuur-historisch evenement op het Herman Moerkerkplein en/of in de naastgelegen Knillispoort.  Wekelijks, op vrijdag/zaterdagavond vindt een optreden plaats van kleine gezelschappen of solisten die actief zijn op het gebied van kunst, cultuur en cultuurhistorie bedrijven.

We bieden ook ruimte aan lezingen en presentaties van ‘geboren’ verhalenvertellers en boekenschrijvers.

Programma

Harry van den Berselaar

Zaterdag 4 juli:  Harry van den Berselaar: ‘Hoe Bosch is Bolduque?’
Harry hierover: ‘Onze stad was meer dan een eeuw ‘persoonlijk eigendom’ van de Spaanse koning. Hoe Spaans ging het er hier aan toe? En wat is daar nu nog van te merken? Ik neem u in mijn verhaal ‘virtueel’ mee door het voormalige ‘Bolduque’. En eindig met een gerucht over de flamenco.’
Na de pauze: muzikaal intermezzo door Anwar. Hij speelt piano en gaat daarbij de muzikale uitdaging niet uit de weg. Anwar is een groot bewonderaar van Ludovico Enaudi. Verder zal Anwar muziek spelen van de  soundtrack Amelie en Up en bijvoorbeeld uit Pirates of the Caribian.

Het programma start om 20.30 en eindigt omstreeks 22.30 uur. Een buitenbar voorziet in een natje en droogje.

Voetbalclubs in gezamenlijke actie

Op 26 januari 2019 organiseerde Achter de Poort, sociaal-culturele salon van de Knillispoort, een debat over de toekomst van het Bossche amateurvoetbal. Dat debat kreeg een vervolg in een nieuw voorzittersoverleg van de Bossche verenigingen onder leiding van de KNVB.

In het verlengde daarvan nemen de clubs gezamenlijk een initiatief om de zware coronatijden te doorstaan. Corona is voorlopig de grootste sta-in-de-weg voor alle Bossche amateurclubs.

Wil van de Wiel, Toon Rekkers en Frans van Gaal stelden in april 2020 een brief op namens de voorzitters van BLC, BVV, CHC, FC Engelen, Emplina, EVVC, Maliskamp, Nulandia, OJC Rosmalen, RKKSV, OSC ’45, TGG en Wilhelmina, die gezamenlijk optrekken ‘om het amateurvoetbal in onze gemeente overeind te houden’.

Naast de sociale gevolgen zien de briefschrijvers ook financiële problemen. Er zijn immers geen inkomsten uit kantineopbrengsten, sponsorinkomsten en entreegelden meer voor de clubs. Daarnaast worden problemen bij de contributie-inning verwacht. De gemeente heeft uitstel van huurbetaling gegeven, maar er wordt verzocht naar nog meer tegemoetkoming.

Gedacht wordt aan kwijtschelding van de huur voor de duur van de lockdown, hulp en ondersteuning in het geval dat de contributie-inning problematisch wordt, compensatie voor OZB, hulp en bemiddeling op weg naar soepele regelingen met de energie- en andere leveranciers, ondersteuning en hulp bij de organisatie van de (sportieve) opvang van onder 12-jarigen en de groep tussen de 12 tot 18 jaar en het ondersteunen bij het onderhoud van sportcomplexen.

Verbeteren leefbaarheid omgeving Hinthamerstraat

De leefbaarheid in de omgeving van de Hinthamerstraat staat al langere tijd onder druk. De hoofdveroorzakers zijn in de ogen van de Wijkraad Binnenstad de talloze bezoekers van de twee coffeeshops. Er is sprake van een sterke toename van ernstige overlast in de afgelopen twee jaar.De Wijkraad is nu een petitie gestart om de bezwaren van de binnenstadbewoners nog steviger neer te leggen bij de gemeente.

Ondertekenen van de petitie kan HIER